
Stop met raden bij het gebruik van IR-verwarmers
Al lang zijn de IR-lampen in textielmachines vrij “dom”. Je sluit ze aan, stelt een timer in en hoopt maar dat ze niet kapotgaan midden in een shifts. Het is eigenlijk een soort gokken. Maar er gebeuren veranderingen. We zien nu dat deze lampen echt kunnen communiceren met de machine via de cloud en PLC’s.
Dit is belangrijk voor de productiehal. Meestal werken deze lampen met een vaste vermogenssterkte. Als het filament kapotgaat of de buis defect raakt, merk je dat niet altijd meteen. Het gevolg is dat het textiel ongelijkmatig droogt. Dat is een nachtmerrie.
Nu kunnen we sensoren in de behuizing plaatsen om de werkelijke warmteoutput in de gaten te houden. De lamp kan de machine vertellen: “Hé, ik heb hier problemen.” Op die manier krijg je op tijd een waarschuwing voordat de buis kapotgaat. Hierdoor hoef je het textiel niet weg te gooien.
En eerlijk gezegd: het is zonde van tijd om met een handapparaat om te gaan om de temperatuur te meten. Het is saai en tijdrovend.
De nieuwe manier doet het denken voor jou. Het systeem gebruikt een feedbacklus om de vermogenssterkte aan te passen, afhankelijk van hoe snel het textiel zich beweegt en hoeveel vocht er nog in zit. Er is geen risico meer dat het materiaal verbrandt omdat de productielijn langzamer wordt.
Er is natuurlijk wel een nadeel. Het toevoegen van al deze sensoren en modules maakt het apparaat wat groter. De bedrading wordt ook drukker. Je kunt niet zomaar een standaardbuis uit het katalogus gebruiken; je hebt een controller nodig die de gegevens kan lezen.
Maar het voordeel is het waard. Over een paar jaar zullen we waarschijnlijk geen lampen meer vervangen alleen omdat het ‘dinsdag’ is of omdat het in de handleiding staat. We zullen ze pas vervangen wanneer de gegevens aangeven dat ze echt versleten zijn. Minder stilstand, minder gissen en veel minder stress voor iedereen die betrokken is.